Werknemers die worden ontslagen via het UWV WERKbedrijf,voormalig CWI, hebben niet automatisch recht op een ontslagvergoeding volgens de kantonrechtersformule. Dat blijkt uit een uitspraak van de Hoge Raad.

Kennelijk onredelijk ontslag

De Hoge Raad is van oordeel dat een ontslag op basis van een door het UWV WERKbedrijf verleende toestemming alleen kennelijk onredelijk is als de werknemer een vergoeding krijgt.  Van een vergoeding kan pas sprake zijn als aan de hand van alle omstandigheden is vastgesteld dat het ontslag kennelijk onredelijk is. Is dit eenmaal vastgesteld, dan moet de schade door de rechter worden bepaald volgens de daarvoor geldende regels.

Geen schade vergoeding

Ontslag via de rechter levert in principe een vergoeding op die gebaseerd is op het aantal dienstjaren, het maandsalaris en een correctiefactor. Bij een ontslag via de UWV WERKbedrijf  moet volgens de Hoge Raad de rechter eerst vaststellen of er sprake is van „kennelijk onredelijk ontslag”, daarna wordt de schade begroot. „Een werknemer hoeft dus niet altijd schadevergoeding te krijgen”, aldus een woordvoerder van de Hoge Raad.

Geleden schade

De vergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag is een vergoeding wegens geleden schade. Met deze uitspraak maakt de Hoge Raad voorlopig een einde aan de discussie over het bij kennelijk onredelijk ontslag-zaken hanteren van de ABC-formule, XYZ-formule en eventuele kortingen van 30 procent of een correctiefactor van 0,5.

Hoge Raad, 27 november 2009, LJN: BJ6596

Tip: Bereken met onze gratis rekenmodule de hoogte van jouw ontslagvergoeding.

Tip: Je kan altijd in verweer tegen de ontbindingsprocedure.